Website van OKBN * ARLIS/NL
p/a Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie,
Postbus 90418, 2509 LK - DEN HAAG - Nederland

In gesprek met onze nieuwe voorzitter

Heleen Homma werkt op een prachtige locatie: het Broerderplein bij het Slot Zeist. Ze laat me met plezier het plein en de omgeving zien en vertelt daarbij meteen een stukje geschiedenis. Sinds 1747 hebben de Hernhutters hier gewoond. De Amsterdamse handelaar Cornelis Schellinger heeft de panden op het Broeder- en Zusterplein voor hen laten bouwen. Het ontwerp kenmerkt zich door eenvoud en symmetrie. De archieven en de bibliotheek van de RACM, locatie Zeist bevinden zich in een nieuwe vleugel. Deze is gebouwd na een grote brand in 1967 en kan dankzij de betonnen constructie alle kilo's goed aan. Tegenwoordig bestaan de bewoners van het plein uit particulieren (deels nog steeds Hernhutters) en een aantal organisaties. De (toen nog) RDMZ is hier in 1973 ingetrokken en Heleen is er in 1977 komen werken.

Na een rondleiding langs het fotoarchief en het documentatiearchief, waar ze mij aan de hand van een voorbeeld laat zien hoe je er kunt zoeken en wat je dan vindt aan materiaal, komen we op de zolderverdieping waar de bibliotheek zich bevindt. Daar vertelt Heleen mij over de nieuwe huisvesting in Amersfoort, die de RACM in april 2009 gaat betrekken. Het ontwerp is van de architect Juan Navarro Baldeweg uit Madrid. Het gebouw krijgt een open voorgevel met veel glas en een meer gesloten achterkant, die wat weg heeft van een boerderij, aan de spoorzijde. In het glas kan het Hollandse landschap weerspiegeld worden, aldus de filosofie van de Spaanse architect, die een groot bewonderaar is van de werken van Saenredam. De verhuizing naar het nieuwe pand is nodig omdat de Rijksdienst voor de Monumentenzorg in 2006 gefuseerd is met de Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek die nu in Amersfoort gehuisvest is, in een opvallend pand van Abel Cahen. In het nieuwe pand zullen beide organisaties geïntegreerd worden. Ook krijgen de informatiediensten daar veel meer een publieksfunctie. De bibliotheek zal voor iedereen toegankelijk worden.

Heleen geeft aan dat de beide Rijksdiensten wel heel verschillend zijn, wat ze toelicht met een aantal (generaliserende) voorbeelden: het zijn wetenschappers bij de ROB versus praktijkmensen bij de RDMZ, we spreken over ca. 1700 beschermde archeologische monumenten tegenover bijna 51.000 gebouwde monumenten, de Amersfoortse collega besteedt veel tijd aan onderzoek terwijl de collega's in Zeist zich hebben te houden aan wettelijke termijnen. Ook is de informatie anders geordend en in andere systemen vastgelegd. De bibliotheek in Zeist heeft een uitgebreide collectie tijdschriften. Zeker 90% van alle tijdschriften wordt ingebonden en bewaard. Behalve boeken over de belangrijkste onderwerpen architectuur, -geschiedenis en bouwtechniek zijn er vele regionale en lokale uitgaven. De boeken staan gerubriceerd volgens een zelf ontwikkeld classificatiesysteem dat afgeleid is van het systeem van Greve, ontwikkeld voor de Haagse openbare bibliotheek. Per jaar komen er zo'n 1800 titels bij, waarbij een deel binnenkomt door ruil en in de vorm van presentie-exemplaren. De bibliotheek in Amersfoort is qua omvang vrijwel gelijk aan die van Zeist, de bibliotheek van de locatie Lelystad is kleiner en specifiek gericht op scheepsarcheologie.

Heleen is sinds 2000 senior beleidsmedewerker en heeft diverse taken (gehad):

Maar even terug in de tijd.
Heleen is opgegroeid op het Friese platteland en in de Achterhoek. Na de mulo in Doetinchem ging ze op haar 16e aan het werk op de administratie van de BB (Bescherming Burgerbevolking). Haar baas stimuleerde haar om verder te studeren, wat ze deed. Ze koos voor een bibliotheekopleiding. Ze ging eerst naar het avondlyceum in Arnhem en daarna naar de BDA in Tilburg. In Den Haag volgde ze nog een extra module over het werken in een wetenschappelijke bibliotheek. In 1974 kwam zij bij het Kunsthistorisch Instituut in Utrecht, waar ze ruim twee jaar werkte. Dankzij een tip van een collega kwam ze als bibliothecaris bij de Rijksdienst voor Monumentenzorg terecht. Naast haar werk ging ze weer studeren, ditmaal MO-Geschiedenis. Zo'n 9 jaar (en twee zwangerschappen) verder heeft ze dit afgerond met een onderzoek naar de oudste Utrechtse woningbouwvereniging in het kader de Woningwet. Ze heeft genoten van de uren die ze hiervoor in het Utrechts archief heeft doorgebracht.

In haar werk is niet veel ruimte voor onderzoek. Toevallig heeft Heleen in de afgelopen periode een onderzoekje gedaan naar het ontstaan van de Monumentenwet van 1988 (in het kader van de modernisatie van deze wet, die op stapel staat). En in haar vrije tijd doet ze onderzoek naar de stichter van het stadje Sabbioneta, dat in de zestiende eeuw tot modelstad werd verbouwd. Heleen probeert te achterhalen hoe deze man, Vespasiano Gonzaga Colonna, leefde. Wat hij aan culturele bagage mee kreeg (hij heeft een deel van zijn opvoeding in Spanje genoten, hij heeft het Palazzo del Te in Mantua gebouwd zien worden) en wat hij daar mee deed. Het is een droom van Heleen om dit in de vorm van een historische roman op papier te krijgen. De Scharlaken stad van Hella Haasse is hierbij haar 'rolmodel'. Om goed onderzoek te kunnen doen is het eigenlijk noodzakelijk dat ze Italiaans leert, maar dat schuift ze al een paar jaar voor zich uit..

Op vakantie gaat het boek Een nieuwe wereld van Auke van der Woud mee. Maar toen ze ergens op een pensionkamer het boek Cel van de Gouden Strop winnaar Charles den Tex tegenkwam kon ze het niet laten deze in één adem uit te lezen. Waarbij Heleen wel opmerkt: 'maar eigenlijk vind ik dat zonde van mijn tijd, ik lees nog maar een fractie van wat ik vroeger las'.

Heleen vertelt altijd een dorpsmens te zijn gebleven. Ze houdt er van om samen met haar vriend Michiel te fietsen. Regelmatig wordt er ergens een fietstocht gemaakt, bijvoorbeeld naar Antwerpen, of een stuk van de NAP-route. Ze is altijd nieuwsgierig naar wat ze onderweg tegenkomt. Op veel plekken in Friesland heeft ze herinneringen, omdat ze daar als kind gewoond heeft en 'ut van hus' ging. Ze onderzoekt ook altijd of er in een Friese plaats waar ze door komt Homma's wonen of gewoond hebben. Begraafplaatsen zijn (mede daarom) altijd een vast onderdeel van een bezoek aan een dorp. Maar ook de geschiedenis van het dorp heeft haar interesse. Ze probeert die te achterhalen door in gesprek te gaan met de bakker of met een man die ze tegenkomt bij de oude schaatsfabriek in IJlst of in het museum Belvédère bij De Knipe/Oranjewoud (om maar een voorbeeld te noemen, prachtig museum trouwens). 'Zo leer je van elkaar' is haar constatering.

Over de mooiste bibliotheek zegt ze: 'de echte oude bibliotheken doen me het meest, die van de Middeleeuwen al meer dan de Renaissance bibliotheken..' Niet verwonderlijk dat ze als mooiste de Biblioteca Malatestiana in Cesena noemt, naast de Librije in Zutpen, beide zogenaamde kettingbibliotheken. Als het dan toch nieuw moet zijn, dan kiest ze voor Arenbergbibliotheek in Leuven. Hier heeft de Spaanse architect Moneo de resten van een 16-eeuwse Celestijnenklooster ingebed in een ultramoderne bibliotheek voor vier faculteiten van de universiteit.

Els Verwey is Heleens voorgangster geweest als bibliothecaris van het RDMZ. Hoewel ze van een andere generatie was, en het best wel eens botste tussen hen, geeft Heleen aan ook veel van haar geleerd te hebben. In het bijzonder over het ontsluiten van materiaal en over de zorg waarmee de boeken keurig in de kast werden gezet. Daarmee maakte zij haar respect voor de kennis die zij vertegenwoordigen zichtbaar. Daarnaast wordt Victorine van Schaick door Heleen genoemd als een ongelofelijk boeiend mens, van wie ze les heeft gehad in Den Haag. Tot slot geeft ze aan veel bewondering te hebben voor haar collega's in het land, waarbij Geert-Jan Koot, Maggy Wishaupt en Michiel Nijhoff expliciet genoemd worden als mensen die 'over de muur' gekeken hebben. Met Michiel Nijhoff heeft ze in de jaren '90 nog les gegeven aan GO-cursisten. De OKBN is voor haar een plek waar ruimte is om vanuit een gedeelde passie kennis en ervaring uit te wisselen.
Wat ik tijdens ons gesprek van Heleen gezien heb is dat ze nieuwsgierig en leergierig is en open staat voor de verhalen van anderen. Prima eigenschappen voor een voorzitter!

Top

Laatst bijgewerkt: 8 augustus 2008