Website van OKBN * ARLIS/NL
p/a Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie,
Postbus 90418, 2509 LK - DEN HAAG - Nederland

Interview met Rob Dijkstra van het Groninger Museum

Tip voor collega's: Laat je zien, maak je bestaansrecht duidelijk!

Omdat Groningen net zo ver van Den Haag ligt, als Den Haag van Groningen ben ik Rob Dijkstra gaan interviewen in het mooie Groninger Museum. Het Informatiecentrum waar Rob hoofd is, is onderdeel van het Cluster Publieksactiviteiten, samen met Publieksservice en Educatie. De medewerkers hebben een divers pakket aan taken, dat veel breder is dan alleen het bibliotheekwerk. Zo doen ze ook de retrospectieve collectieregistratie, ze beheren het beeldmateriaal, het De Ploeg- en Werkmanarchief, ze verzorgen het inter- en intranet en één van de medewerkers is de huisfotograaf.

In de jaren '70 heeft Rob de BDA gedaan en heeft vervolgens diverse baantjes gehad. Gaande weg kwam hij tot de ontdekking dat het werken in een kunstbibliotheek hem het meeste ligt en zo begon hij 20 jaar geleden als vrijwilliger bij het Groninger Museum. Toen een van de suppoosten kwam te overlijden werd besloten om deze niet te vervangen maar de vrijgekomen uren te investeren in een bibliothecaris. Zo werd Rob van vrijwilliger een betaalde kracht.

Vanuit een kleine ruimte met drie bureaus en een aantal boekenkasten werd een verzoek ingediend voor een computer en werd de catalogus geautomatiseerd in Tinlib. Intussen is de hele boekencollectie (zo'n 32.000 banden) retrospectief ingevoerd en is het bestand overgezet naar Adlib. Na 1996, toen het museum verhuisde naar de huidige locatie, kwam ook de retrospectieve collectieregistratie onder zijn verantwoordelijkheid. De basisregistratie zit ondertussen in Adlib Museum en de volgende stap is om de records verder te vullen met alle beschikbare gegevens.

De werkzaamheden van Rob zijn zowel uitvoerend (vragen van bezoekers beantwoorden, post en tijdschriften doornemen, catalogiseren, zoeken naar nieuwe literatuur) als beleidsmatig (bepalen beleid informatiecentrum, meepraten over de reorganisatie, over het clusterbeleid en de toekomst). Daarnaast zijn er diverse samenwerkingsverbanden waar Rob namens het Groninger Museum in participeert of contact mee heeft die hieronder kort benoemd worden.

Het informatiecentrum is in eerste instantie bedoeld om (pro-actief) de eigen medewerkers van het museum te bedienen maar heeft ook uitdrukkelijk een publieksfunctie. Vooral studenten en scholieren weten de weg naar de bibliotheek goed te vinden. Er liggen plannen voor een herinrichting van het informatiecentrum, waardoor het, o.a. door een glazen wand en een balie waar ook de koptelefoons met tentoonstellingsinformatie te krijgen zijn, letterlijk zichtbaarder wordt in het museum.

Nu is het al zo dat er bij 3 tentoonstellingen per jaar een tentoonstellingssite gemaakt wordt met achtergrondinformatie en beeld- en archiefmateriaal. Al deze materialen worden ook fysiek aan de tentoonstelling toegevoegd, in een ruimte bij de tentoongestelde werken. Het lijkt Rob ideaal als hij alle publieksvragen bij aanvang van de tentoonstelling al beantwoordt en verwerkt heeft in het aanbod. Dat betekent wel dat er nog het nodige archief- en fotomateriaal ontsloten moet worden, maar de plannen daarvoor liggen al klaar. Nu het geld nog vinden.

Ik proef duidelijk de behoefte én de erkenning van de noodzaak bij Rob om het informatiecentrum breed te profileren en trendsetter te willen zijn. Hij neemt dan ook deel aan alle projectgroepen binnen het museum en is altijd op zoek naar nieuwe technieken waarmee het publiek te bedienen is. Favoriete websites in dit kader zijn Museo Thyssen-Bornemisza, omdat je daar prachtig in de zalen rond kunt kijken. En de site van het Tate omdat je daar op verschillende manieren in de collectie kan zoeken. De site lijkt op het eerste gezicht chaotisch maar als je goed kijkt ontdek je een zee aan mogelijkheden. Naast de informatie over tentoonstellingen etc. kunnen kinderen, scholieren en studenten veel informatie vinden. Er is een goede webwinkel. De site werkt bovendien goed en snel.

Het onderhouden van contacten en het bezoeken van vergaderingen in den lande schiet er vaak bij in omdat de reistijd niet altijd opweegt tegen de inhoud van de bijeenkomsten. Met het van Abbe en het Haags Gemeentemuseum onderhoudt hij wel goede contacten.

En wat doe je zoal naast je werk?

Rob is jarenlang actief beoefenaar geweest van Kung Fu. Door een aantal blessures kan dit nu helaas niet meer en is hij overgestapt op fitness. Wel is hij nog voorzitter van de Kung Fu stichting.

Thuis is de kunst ook een vast gespreksonderwerp omdat zijn vriendin beeldend kunstenaar is. Op een van hun reizen naar verre oorden zagen ze in het Musée National van Bamako, de hoofdstad van Mali, het werk van de beeldhouwer Ibrahim Kanté. Met name Arjo, Rob's vriendin, was erg onder de indruk van zijn werk. Met behulp van o.a. de Nederlandse ambassade is met Kanté contact gelegd. Terug in Nederland, hebben ze een stichting opgericht en subsidies aangevraagd om deze man en zijn werk naar Nederland te laten komen. Uiteindelijk is dat gelukt en zijn er van Groningen tot Maastricht tentoonstellingen georganiseerd in musea en galeries. Ibrahim heeft zes weken bij Rob en Arjo thuis gelogeerd en de mogelijkheid gekregen om kennis te maken met de West-Europese kunst en cultuur. Bij de tentoonstellingen is de catalogus Le Passage verschenen (te bestellen via www.arjopasschier.nl).

Rob geeft aan dat hij het reizen in andere culturen erg waardevol vindt. Het maakt dat je verdraagzamer wordt en dat je bewust blijft van de luxe om in Nederland te leven. Als de tijd er niet is om ver weg te gaan, pakt hij graag de boot naar Schiermonnikoog om aan het strand te kunnen zijn. Laatst gelezen boek: De Thuiskomst van Anna Enquist. Over het leven van Elisabeth Cook, de vrouw van ontdekkingsreiziger James Cook. Laatst gekeken film: op tv, Interview met Theo van Gogh. Schitterende dialogen en spel van Pierre Bokma.

Top



Laatst bijgewerkt: 13 november 2006