Website van OKBN * ARLIS/NL
p/a Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie,
Postbus 90418, 2509 LK - DEN HAAG - Nederland


Abstracts

Historisch perspectief van het gebruik van beelddocumentatie binnen het kunsthistorisch onderzoek door Rudi Ekkart
De foto heeft sinds het einde van de negentiende een onmisbare functie vervuld in de praktijk van het kunsthistorisch onderzoek. Vrijwel geen kunsthistorisch onderzoek wordt verricht zonder de gebruikmaking van foto's, zoals trouwens vrijwel geen kunsthistorische colleges worden gegeven zonder het gebruik van beeldmateriaal. Zoals diatheken een onmisbaar bestanddeel werden van de uitrusting van een universitair kunsthistorisch instituut, werden foto-documentatiebestanden, zoals die van het Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie (RKD) en zijn zusterinstellingen, onmisbare instrumenten voor het onderzoek en daarmee een essentieel bestanddeel van het kunsthistorische apparaat. De rol van de fotografie voor de kunstgeschiedenis is in de laatste decennia nog gegroeid door de toenemende rol van technisch fotomateriaal, zoals röntgenopnamen en infrarood-reflectografieën, in het onderzoek.
De opkomst van de automatisering en de snelle uitbreiding van de mogelijkheden daarvan in de afgelopen twintig jaar dwingen de beheerders van documentatie-instellingen tot een herbezinning op hun rol, werkwijze en taakverdeling.

Het gezichtspunt van de onderzoeker door Marten Jan Bok
De onderzoeker profiteert door de digitalisering van beeldbestanden van nieuwe mogelijkheden om te zoeken naar de spreekwoordelijke spelden in hooibergen. Daar staat echter tegenover dat het internet de neiging heeft om de bestaande canon te versterken, doordat de meest beroemde kunstwerken als eerste online worden gebracht. Ik wil bespreken hoe de onderzoeker daar mee om kan gaan en hoe instituten als het RKD daarop kunnen inspelen. Daarnaast wil ik het probleem bespreken dat digitale beeldbestanden op het eerste gezicht slechts een geringe bijdrage kunnen leveren aan de ontwikkeling van nieuwe wetenschappelijke concepties omdat zij daarvoor pas na een substantiële inhoudelijke verrijking te gebruiken zijn. Tenslotte wil ik ingaan op het voor het wetenschappelijk onderzoek in toenemende mate frustrerende probleem van de beeldrechten. Hier zal op termijn door de politiek een oplossing voor moeten worden gevonden.

Collectiedatabases en kunsthistorische beelddocumentatie door Rieke van Leeuwen
Via het internet zijn inmiddels vele gratis toegankelijke databases te vinden met digitaal kunsthistorisch beeldmateriaal. Ze verschillen in doel en vooral in omvang. Een kunsthistorisch overzicht is hierin soms ten dele te vinden. De meeste van deze databases zijn door erfgoedinstellingen gemaakt met het oog op collectieregistratie. In diverse Europese landen zijn oplossingen gevonden om te komen tot sites of systemen die het nationale erfgoed in kaart brengen. Ook het RKD doet aan collectieregistratie door delen van de fysieke collectie kunsthistorische beelddocumentatie te ontsluiten in een kunstwerkendatabase. In deze voordracht wordt ingegaan op de ontluisterde verhouding tussen het fysieke en het gedigitaliseerde beeldmateriaal, op het invoerbeleid en op de mogelijkheden databases te gebruiken bij kunsthistorisch onderzoek.

Digitale diatrommels. Kunsthistorisch beeldmateriaal vanuit het gezichtspunt van de docent door Annemieke Hoogenboom
Ik ga betogen dat een beeldbank voor onderwijsdoeleinden niet nodig is en volgens mij ook niet bestaanbaar. Ik mis een beeldbank niet aangezien ik mijn afbeeldingen moeiteloos betrek van internet en via mijn scanner van reproducties in boeken. Het aantal afbeeldingen op internet groeit explosief, mede dank zij de inspanningen van musea om hun collecties WWW aan te bieden. De zoekmachines doen hun werk steeds beter en een beetje speurneus weet al snel welke voor hem of haar belangrijke bestanden niet via de zoekmachines bereikt worden. Ik maak me volstrekt niet druk over beeldrecht, net zomin als we dat voorheen deden als we voor onderwijsdoeleinden dia's lieten maken. De afbeeldingen die ik op de onderwijswebsites zet, staan achter een wachtwoord. Verder ga ik schetsen hoe door de digitale mogelijkheden de aard van de gebruikte afbeeldingen veranderd is. Vroeger vertoonden we bijna uitsluitend kunstwerken als zodanig, waarvan door middel van een tijdrovende en kostbare procedure dia's waren gemaakt. Tegenwoordig zijn via internet, beeldbewerkingprogramma's en een scanner ook foto's, plattegronden, situatieschetsen en talloze andere soorten afbeeldingen onder handbereik. Dit soort afbeeldingen zijn voor een beeldbank niet interessant.
Via een blik in het verleden laat ik de invloed van het beschikbare budget zien. Voor de Tweede Wereldoorlog waren er assistenten in dienst die de plattegronden, situatieschetsen, constructietekeningen en dergelijke maakten die naast de lichtbeelden in het onderwijs werden toegepast. Na de oorlog zijn die tekenaars verdwenen, maar er was wel een voor hedendaagse begrippen onvoorstelbaar groot budget voor het aanleggen van de diatheek. Met een fractie van dat geld in de vorm van projectsubsidies zouden docenten tegenwoordig veel beter geholpen zijn dan met een kostbare beeldbank, die bovendien nooit meer dan een deel van de benodigde afbeeldingen zou kunnen leveren.

ARTstor, a digital library for the history of art and the humanities door Max Marmor
This presentation will offer an overview of ARTstor's mission and genesis to date, a demonstration of ARTstor's collections, software and services, and a look ahead at the future, including prospects for availability in continental Europe. ARTstor is a non-profit initiative, founded by The Andrew W. Mellon Foundation in 2001, with a mission to use digital technology to enhance scholarship, teaching and learning in the history of art and associated fields. In March 1999, the Foundation began to explore ways in which it might help address community-wide needs for accessing and using images for non-commercial, educational and scholarly purposes.
ARTstor's primary goals as an organization are: to assemble image collections from across many time periods and cultures that will, in the aggregate, have sufficient depth, breadth, and coherence to support a wide range of educational and scholarly activities; to create an organized, central, and reliable digital resource that supports the non-commercial use of images for research, teaching and learning. As an expanding digital library offering hundreds of thousands of digital images and related data, ARTstor seeks to provide scholars, teachers, and students with the kinds of image collections and software tools they need to make the pivotal transition from slides to digital images. As an online resource available only to non-profit institutions, ARTstor seeks to create a secure, trustworthy space on the Internet for the educational, non-commercial use of digital images. This space is defined by a licensing framework that embraces - and seeks to accommodate the concerns and interests of - content owners, participating institutions and end users.
ARTstor became an independent non-profit organization in January 2004, and began offering a service in July of that year. In its first year of serving the educational and cultural communities nearly 400 colleges, universities, art schools, and museums in the United States have chosen to participate. In April 2005, ARTstor announced its availability in Canada, the beginning of an international outreach program.

Gericht gebruik van beeldmateriaal in het internationale onderzoeksveld door Gert Jan van der Sman
Het Nederlands Interuniversitair Kunsthistorisch Instituut in Florence is onlangs begonnen met de integrale digitale ontsluiting van drie kunsthistorische fotoarchieven: de studieverzamelingen van Hermann Georg August Voss (1884-1969) en zijn leerling Gerhard Ewald (1927-1997), van Benedict Nicolson (1914-1978) en van de Milanese kunsthandelaar Luigi Magnaguagno (-1996). Het project wordt ondersteund door NWO vanwege het unieke en complementerende karakter van de fotocollecties, de meerwaarde van digitalisering die hoogwaardig kwalitatief onderzoek mogelijk maakt voor een relatief brede doelgroep en de uitstekende inbedding van het project in het internationale onderzoeksveld. De uitvoering geschiedt in samenwerking met het Onderzoekinstituut voor Geschiedenis en Cultuur en de Bibliotheek van de Universiteit Utrecht. Alle internationale standaarden (VRA-Core, Dublin Core etc.) worden vanzelfsprekend in acht genomen.
Vanuit het gezichtspunt van de wetenschappelijk onderzoeker is het aanbod van professioneel ontsloten beeldmateriaal nog altijd uiterst beperkt. Internationaal spelen echter steeds meer musea, universiteiten en onderzoekinstituten in op de behoeften in het veld. Ook in Italië zijn er belangrijke ontwikkelingen gaande. Door gerichte samenwerking van elkaar complementerende beeldbestanden ontstaat een cumulatief effect. Foto-documentatiebestanden zoals die van het Instituut in Florence reiken veel meer informatie aan dan men vermoedt. Zij verschaffen inzicht in toeschrijvingkwesties, werkplaatspraktijk, geschiedenis van het verzamelwezen, materiële conditie van kunstwerken en de geschiedenis van de kunstgeschiedenis. Iconografisch en interdisciplinair onderzoek is vooral gebaat bij consequente toepassing van Iconclass.
Binnen het Nederlandse universitaire onderwijs wordt te weinig gebruik gemaakt van beeldmateriaal voor didactische doeleinden. Door gericht en actief gebruik van fotobestanden ontwikkelt men alleen al een scherper oog en scherper inzicht in de status van toeschrijvingen. Er is geen reden om relevante visuele bronnen te veronachtzamen. Overeenkomstig internationale maatstaven dient men de praktijk van het kunsthistorisch onderzoek zo breed mogelijk op te vatten.

Top



Laatst bijgewerkt: 5 december 2005